REVIEW: Richard Ashcroft op de Lokerse Feesten #LF16

Richard Ashcroft, Captain Rock, Mad Richard (volgens zijn jeugdvrienden), the man who casts no shadow (volgens Noel Gallagher), ‘the best singer in the world singing the best song in the world’ (volgens Chris Martin op Live 8), díé schitterende songwriter, zanger, frontman en performer, was er de laatste tijd slecht aan toe, dus ik vreesde voor zijn optreden op de Lokerse Feesten.

Ashcroft lijdt aan zware depressies en herstelde van een longontseking en zijn laatste twee platen waren niet zijn beste en hij had lang stilgelegen. En zijn soort überpassionele bigger than life-repertoire werkt alleen als het voor de volle 100 procent bezield wordt gebracht. En ik werd nog een tikje ongeruster toen ik hoorde dat hij met een kleine bezetting zou aantreden, ook niet wat je wil horen als je de panoramische, intense, weelderige arrangementen van zijn platen kent. En strikt genomen speelde hij ook wat vals, want niet alleen de onvermijdelijke samples maar ook alle keyboards, strijkers en zelfs sommige gitaarpartijen stonden op band, een tape die de geluidstechnicus van dienst telkens vanop de mixtafel opstartte.

Maar goed, je kan niet verwachten dat een artiest een heel orkest en een handvol soundtrack- en samplespecialisten meezeult op tournee, en van een monstertalent als Ashcroft willen we veel door de vingers zien.

De setlist was even voorspelbaar als onverwoestbaar. Natuurlijk speelde hij ‘Sonnet’ en ‘The Drugs Don’t Work’ en ‘Lucky Man’ en ‘Bittersweet Symphony’. Maar ook ‘New York’, uit zijn eerste, schandalig onderschatte want wondermooie solo-cd ‘Alone with Everybody’. Net zoals ‘New York’ (met Ashcroft die slidegitaar speelde met een asbak) explodeerde ook het prachtige ‘Break the Night with Colour’ in een trancey The Verve-achtige jam. Hij improviseerde en herhaalde vijf keer ‘take the black dog walking’ – een verwijzing naar Winston Churchill, die naar zijn depressies verwees met de woorden ‘I’ve got a black dog on my back’.

Ik blijf zeggen dat het enkel Richard Ashcroft is die, als hij erin slaagt zijn demonen te temmen en als hij stopt met roken, het potentieel bezit om binnen twintig à dertig jaar de Van Morrison van zijn generatie te worden. Het was overigens amusant om het contrast te zien tussen Ashcroft en Van the Man op datzelfde podium één dag eerder. Van in kostuum en hoed, Richard in het lad-uniform van de Britse street kid anno 1995, met hoodie. Van gecontroleerd, Richard de hele tijd op zoek naar een trance waarin hij zich kon verliezen. Van die geen woord zei, Richard die ons vaak toesprak (‘Thank you for listening to a new song you don’t know yet’) en die als gentleman zelfs zijn glas in de lucht stak om te toasten met het publiek voor hij dronk. Van die van het plein een intieme jazzclub probeerde te maken, Richard die van datzelfde plein een Woodstock voor de 21ste eeuw wilde maken, en zich de hele tijd gedroeg alsof hij zich richtte tot een miljoen volgelingen die zich voor hem in de Grand Canyon hadden verzameld.

Ashcroft droeg een song op aan een fan die hem al 130 (!) keer had zien optreden – iemand met veel vrije tijd, een fiks reisbudget én goede smaak, dus. Hij had ook nog een simpele maar rake boodschap voor iedereen maar voor jonge muzikanten in het bijzonder. Natuurlijk begon hij, noblesse oblige, met een arrogant statement: ‘Soms voel ik me slecht maar dan herinner ik me dat ik ‘Lucky Man’ heb geschreven, en als ik dat opnieuw besef gaat het meteen een stuk beter. Ik heb altijd willen weten hoe het is om de beste componist ter wereld te zijn…’ Het vervolg van die zin sprak hij niet uit maar hing in de lucht: ‘…en nu weet ik het.’ Maar toen vervolgde hij: ‘Je hoort weleens zeggen dat alles al is gedaan en dat het zinloos is om nog te proberen om nog met iets nieuws op de proppen te komen. Maar zet de akkoorden A, E en G in een bepaalde volgorde en hop, je hebt iets gemaakt waar mensen blij van worden.’ Daarom waren we daar allemaal, en daarom waren we blij: omdat de jonge Richard Ashcroft ooit in zijn slaapkamertje besliste om eens te zien wat er zou gebeuren als hij A, E en G achter elkaar speelde. Dan gebeurt er vanalles, onder andere dat je dertig jaar later de Lokerse Feesten in vuur en vlam zet. Een schitterend concert, ook al vergat hij mijn favoriet ‘Check the Meaning’ te spelen. 

EXPLORE